Het is weliswaar in 1986 dat er op de Mechelse industriezone gestart werd met de BMW Juma-concessie, maar de link tussen BMW en Juma ontstond precies tien jaar eerder. Het is inderdaad vijftig jaar geleden dat er voor de eerste keer een BMW Juma aan de start verscheen van de 24 Uren van Spa-Francorchamps en de basis werd gelegd van een uniek Belgisch BMW-verhaal in de Ardennen…

Maar Julien ‘Juma’ Mampaey had al eerder kennisgemaakt met BMW, gezien hij zelf actief was in slalom, klimkoersen en circuit, en zich met een BMW 2002 in de Groep 1-klasse opwierp als één van de concurrenten van Renstal Excelsior-collega Eddy Joosen, dan met een Alfa Romeo GTV. We schrijven 1973.

Eén jaar later was Eddy Joosen al overgegaan tot de aankoop van een in Groep 1 favoriete Opel Commodore, maar pas via de overname van de ex-Tricot Opel deed hij een beroep op, toen nog, Juma Tuning, om de motor onder handen te nemen. In 1975 kregen we zo in Spa voor de eerste keer de naam van Juma te zien op een auto, de Opel Commodore van Joosen-‘Marco’.

De 24 Uren van Francorchamps telden mee voor een soort mini-EK, de Trofee van de Toekomst, later Trofee Europe by Diners, met naast twee keer Spa (Bekers van Spa en 24 Uren) de finale, begin oktober, tijdens de Tourist Trophy op het Engelse Silverstone. Stuart Graham reed er in de dikke Fabergé Camaro van start tot finish aan de leiding en won van de Luigi-BMW van Xhenceval-de Fierlant. Joosen-“Marco” eindigden in de Groep 1-Opel 9de algemeen.

Reeds op het einde van het tweede seizoen met de Opel hadden Juma en Joosen hun zinnen gezet op een overstap naar BMW en werd overgegaan tot de aankoop van de dat jaar in Spa winnende BMW Luigi, die door Julien werd omgebouwd naar de dan geldende, nieuwe regels in het Europees Kampioenschap. Een keuze die precies werd gedaan onder invloed van het feit de 24 Uren van Spa zouden meetellen voor dat EK waarin BMW zou starten als groot favoriet.
Lang voordat er in de verste verte sprake zou zijn van een BMW Juma-concessie was er voor het debuut van de Juma BMW de link, via Eddy Joosen, en zeker ook Renstal Excelsior, met BMW Erco, toen al gevestigd aan de Bredabaan in Schoten (in 1999 werd dat BMW Jorssen). Drijvende kracht bij Erco was Wilfried Roefs, zelf een amateur-rijder (ooit in een door Ford Permeke ingeschreven Capri samen met Ludo Maes en Eric Symens aan de finish in de Marathon van de Weg).
De link met BMW Erco lag tevens aan de basis van de komst voor de 24 Uren van Massive op zowel de Juma BMW als de drie Luigi-BMW’s. Roefs was getrouwd met een dochter van de Massive-eigenaar en zo ontstond er een commerciële deal tussen lusterie Massive en BMW Belgium: bij aankopen in één van de vele Massive-winkels kreeg men lotjes waarmee uiteindelijk een BMW 3-serie kon gewonnen worden. Een win-win voor Massive en BMW en dus een verklaring voor de komst van Massive-stickers op de vier BMW’s 3.0 CSL.

Ter voorbereiding van Spa zou er deelgenomen worden aan de 600 Km van Spa en de ‘Grosser Preis der Tourenwagen’ op het 22 km lange en beruchte Nürburgring-tracé. In de pré-Spa-race liep het grondig fout: een stukke motor weerhield het duo Joosen-Corbisier ervan om voorbij de kwalificaties te geraken. Via het aantrekken van sponsor Holiday Inn-hotels verzekerde snelle man Roger Berndtson zich voor de grote afspraak in Spa van het tweede zitje en was aldus al van de partij in wat bekend staat als de Groene Hel in het Eifelgebergte.

Joosen-Berndtson-Corbisier maakten de vieruursrace vol, goed voor een tiende rang, en daarop kwam, last minute, Pascal Witmeur voor Spa postvatten als derde rijder. Gestart vanop een vijfde plaats bond de Juma BMW de strijd aan met de favorieten en nadat de drie Luigi BMW’s in de nachtelijke uren één voor één van het toneel verdwenen, wierpen Joosen-Berndtson-Witmeur zich op als de sterkste concurrenten van de fabrieks-Alfa’s en verschenen daarop ook aan de leiding. Helaas. Ook zij zouden de ochtend niet meemaken, en dienden de #6 BMW Juma Tuning achter te laten in het opgeverspark.

Parallel met dat mini-programma in het ETCC kwam Eddy Joosen zowel met de BMW als de Opel aan de start van nationale races in zowel Nederland, België als Luxemburg. In die zeg maar Benelux-kampioenschappen golden andere wetten en werd de groep 1-Opel (nu Groep N) ondergebracht met de ‘kleine’ Groep 2 – verbeterde toerwagens – en Groep 4 (verbeterde GT’s). De BMW moest het in de ‘grote’ Groep 2/4 dan weer opnemen tegen ‘dikke’ GT’s en ging Joosen steevast voor podiumplaatsen, achter Vanierschot (Alpine) en Rubens (De Tomaso). Met de Opel won Joosen tenslotte voor eigen publiek de EG Trophy (in groep 1) waarna Juma en Joosen met de BMW richting Silverstone trokken…
Na de vroegtijdige opgave in Spa waren Joosen en Juma immers vastbesloten om in het ETCC te herkansen en alzo mocht Witmeur, de derde man in Spa, mee naar de Britse Tourist Trophy, samen met Joosen en Corbisier. Met een derde snelste tijd, achter de Luigi BMW van Xhenceval-Dieudonné en de Jaguar XJ van Bell-Hobbs, toonden Joosen en Julien ‘Juma’ Mampaey dat zij hun mannetje konden staan in het internationale gezelschap en dat leidde ertoe dat Joosen zich voor de finale op het Spaanse Jarama zag opgenomen binnen de rangen van BMW Luigi (goed voor een tweede plek). Het soort adelbrieven die steevast deel uitmaakten van het BMW Juma/Joosen Racing-dossier voor het programma in 1977…

