Hoewel de BMW 3.0 CSL van het Belgische Luigi in 1976 de Europese titel pakte en voor een nationaal gevoel zorgde, was het EK met de nieuwe groep 2 een zwak broertje. Bij organisator RACB besefte men dat het roer diende omgegooid te worden en waren ook zij volledig in de ban van de “Salooncars” of “Production”: verbeterde toerwagens met de look van een showroom-auto. In Frankrijk en de UK hadden die “Saloon Cars” of “Production Cars” immers aan belangstelling gewonnen en om iets te doen aan de beter gehomologeerde (en ook winnende) Capri’s, pakte BMW uit met de genaamde 530 I-US (van Injection United States) (*)

Zo verkregen Julien ‘Juma’ Mampaey en Eddy Joosen de steun van BMW Belgium om zo’n 530 I-US van a tot z op te bouwen, en leuk détail: er was toen nog geen sprake van een volledige bestickering, laat staan de nu gebezigde carwrap en de zwarte BMW werd met de hand geschilderd, en daarop voorzien van de nodige stickers! De deelname van de Juma-BMW, in de kleuren van Kinley-frisdranken en Castrol, was het initiatief van ex-Spa-coureur Hughes de Fierlant, dan kersvers sportief directeur bij BMW Belgium en door Gérard Van Overbeke, toen marketingverantwoordelijke bij de importeur, gevraagd werd een Belgisch sportprogramma uit te werken. Het Belgische voorbeeld van een eigen sportpolitiek zette toenmalig BMW Motorsport-baas Jochen Neerpasch ertoe aan om andere filialen aan te sporen hetzelfde te doen en dat leidde tot specifieke autosportbedrijvigheden bij BMW France, BMW UK en later BMW Italia. En, ja, ook de naam van BMW Erco was te zien op de Kinley Castrol BMW…

Doordat Eddy Joosen datzelfde jaar een plek had weten te versieren bij BMW Luigi voor een volledig seizoen in het EK Toerwagens – de fameuze UFO BMW’s 3.0 CSL – en de Salzburg-manche samenviel met de Grote Prijs van Zolder kreeg Hughes de Fierlant het geregeld dat Patrick Nève, dan in Formule 1 met een March in de kleuren van Belle Vue van ene Frank Williams, postvatte in de Juma BMW. Op een spekglad Zolderse tracé domineerde Nève de BK-race van de Escort van Alain Semoulin en de Triumph Dolomite van Guy Pirenne, nadat hij weliswaar in de eerste ronde in de Kanaalbocht een slipper maakte en hierdoor het hele peloton zag voorbijsnellen en slechts na een uitermate sterke inhaalrace voor die eerste overwinning van een Juma BMW kon zorgen!

Geheel volgens wat contractueel was overeengekomen tussen de betrokken partijen lag de nadruk van het programma van de Juma BMW op de 24 Uren van Spa en de zeg maar voorbereidende 600 Km van Spa. Hiervoor deden Joosen-Juma een beroep op de diensten van Fransman Jean-Claude Andruet, in het verleden in Spa vooral bedrijvig voor het Alfa Romeo-fabrieksteam en één jaar eerder met Alfa nog nipt tweede, achter een winnende BMW. Tijdens het weekend van de 600 Km kreeg Joosen in de aparte race voor groepen 2 en 4 de gelegenheid extra kilometers af te leggen en de 530 klaar te maken voor de daaropvolgende confrontatie met de voornamelijk Britse concurrentie in de 600 Km. Indien het dan was blijven regenen had Joosen wellicht beter gedaan dan de tweede plek, achter het de pk-zwangere Pantera van Tricot!
Ook regen zorgde in de 600 km voor het herschikken van de hiërarchie – met vooraan op de pole position de Nederlandse Camaro van de familie Vermeulen -, waarbij Joosen-Andruet prompt de strijd om de overwinning aanbonden met de Capri van Spice-Clark. Geholpen door een snelle pitstop kon de leidende Juma BMW het verschil maken met de BMW Luigi van Paulus-Berger, de Capri van Gordon Spice en de Vauxhall van Tricot-Peltier. De tweede overwinning was binnen…

Enkele weken voor de grote afspraak in de Ardennen nam Eddy Joosen ter gelegenheid van de Benelux Bekers op het Circuit van Nijvel terug plaats achter het stuur van de Juma BMW, maar lang duurde zijn race niet: hij geraakte betrokken in een aanrijding met de Dolomite van Julien Vernaeve en de Escort van Semoulin terwijl een zekere Jean-Michel Martin de zwarte Capri naar de overwinning stuurde.
Een pak gelijkaardige I-US-BMW’s (met een tweede Kinley Castrol van Serge Power, de Franse Sport Garage Benoît, Luigi en onder die vlag ook de TWR BMW) en een evenwaardig Brits Capri-armada – met ook de Belgian Capri van Jean-Michel Martin – vormden in de 24 Uren de concurrentie van de Juma 530 I-US van het duo Joosen-Andruet, goed voor een vierde startplaats, achter de ‘pole’ Camaro van Vermeulen-Miss Hemmes, de Luigi BMW van Paulus-Dewael en Fransmannen Cudini-Fréquelin. In training zat de dan nog niet zo bekende Dirk Vermeersch weliswaar achter het stuur van de Juma BMW – hij wist zich perfect te kwalificeren! – maar omdat Andruet niets wou weten van die derde man, bleef Vermeersch aan de kant en zouden Joosen en Andruet de klus klaren.

Na een ferme strijd met de BMW van Cudini-Fréquelin en de Capri’s van Woodman-Buncombe en Spice-Craft bleef enkel de Juma BMW overeind: motorproblemen noopte de Franse BMW zondagochtend richting opgeverspark terwijl Gordon Spice, himself, met nog zicht op een tweede plek, bij het ochtendkrieken van de baan ging. Bij de aankomst telde de Juma-BMW aldus zo’n 14 ronden voorsprong op de Vauxhall Magnum van Gerry Marshall en Peter “Perfect” Brock en de enige overlevende Capri van Woodman-Buncombe.

Alles was voorzien dat het duo Juma-Joosen het mini-programma zou afsluiten met de traditionele Zolderse Beker der Toekomst en EG Trophy. Helaas. In het kader van een sporttest voor een Franstalige krant mocht journalist Christian Lahaye tijdens de vrije trainingen van de Bekers zijn bips schuiven in het zitje van Joosen, maar lang duurde de kennismaking niet: verrast door een klapband maakte de aspirant-rijder onzacht kennis met de Zolderse vangrails. De zwarte BMW zou dat jaar niet meer aan de start verschijnen. “Een klapband, dat kan iedereen overkomen,” klonken Eddy’s troostende woorden, bij het opmeten van de schade.
Eén jaar na het eerste Spa-succes wierpen Eddy Joosen en Julien ‘Juma’ Mampaey zich op als de grote favorieten en rivalen van de Belga Capri’s en uiteindelijk ook de TWR Mazda, waarbij zij steeds, en vier keer achtereenvolgens, vrede moesten nemen met de tweede plaats. Pas in 1982 gingen Joosen-Juma voor een tweede triomf en, zonder Joosen, volgde er in 1983 een derde overwinning voor BMW Juma. Na een vijfde keer tweede kwamen de Juma BMW’s er vervolgens niet meer echt aan te pas. Het was dan wachten tot in ’98 om onder de vlag van Juma Racing een vierde overwinning op het rijke palmares te kunnen inschrijven.

(*) De 530 I-US werd op ‘papier’ gehomologeerd, maar toen de technische commissie van de CSI (voorloper van FIA) navraag deed over de geproduceerde Amerikaanse BMW’s 530, bleek dat het noodzakelijk aantal BMW’s niet meer bestonden, want ‘er staat geschreven dat je auto’s moet bouwen, maar niet noodzakelijk dient bij te houden en dus werden deze ondertussen vernietigd’. BMW werd voor het niét volgens de regels homologeren van 530 I-US door de CSI zwaar op de vingers getikt en de BMW in 530i-versie was vanaf dan niet meer zo succesvol.
